hamburger_icon

Wiki

Dag beste Geoloog of Geoloog in wording!

Verheugt uzelf, want u hebt de weg gevonden naar de Wiki. Op deze plek kunnen we elkanders kennis delen en bundelen tot een machtige vuist die zal inbeuken op de tiranie der examenvragen!

Natuurlijk komt dit niet zonder enige moeite tot stand. Nu zijn nog maar enkel de fundamenten van de Wiki gelegd en enkel door jullie bijdragen kan dit hier verder uitgroeien tot iets moois waar we trots op kunnen zijn! Jullie Webpraeses zal natuurlijk ook altijd alles in het werk stellen om dit verder in goede banen te leiden.

Bachelor - Jaar 1

Chemie 1

Leerkracht

Klaartje De Buysser

Klaartje De Buysser is een van de beter proffen, ze legt alles duidelijk uit en probeert iedereen met de leerstof mee te krijgen. Als je naar de les gaat (wat je bij dit vak beter wel doet) zorg er dan voor dat je goed meewerkt want ze stelt vaak vragen aan willekeurige studenten en van sommigen kent ze de naam. Check ’s morgens voor je naar de les vertrekt zeker nog eens Minerva of de les wel doorgaat, het is namelijk al enkele keren gebeurd dat studenten voor een gesloten deur stonden (kleine tip). Als ze tijdens de les zegt dat iets belangrijk is zet hier dan een groot rood kruis bij want dan kan dat deel wel eens terugkomen op het examen.

Cursus

Deze is vrij dik maar verkijk je hier niet op want hij leert vrij vlot en er staan ook heel veel ‘tekeningen’ en kaders bij. Er is ook de mogelijkheid om de slides van de lessen bij de cursus te kopen maar deze komen ook op Minerva en eigenlijk ben je beter dat je die zelf afprint dan kan je er meer op een bladzijde zetten en dit is beter voor het milieu, we zijn tenslotte geologen!

Werkcolleges

Hier ga je best elke keer naartoe! Er worden niet alleen veel oefeningen gemaakt maar ook de theorie wordt nog eens grondig herhaald. Probeer voor het werkcollege de oefeningen al eens te bekijken dat je weet over wat het gaat.

Practica

Deze bereid je beter goed voor want soms is de tijd erg krap. In het eerste semester is het vooral titreren dus zorg dat je dit onder de knie krijgt. Het tweede semester valt qua practica goed mee en zijn minder lang. Tip: eet genoeg de middag voor het practicum want het practicum duurt 4 uur! Vergeet ook zeker je curios ( soort toets over de theorie van het practicum) niet te maken want deze telt mee voor 5 punten!

Buis-o-meter

Om dit examen goed te kunnen maken is het noodzakelijk heel, heel, heel veel oefeningen te maken! Als die goed lukken dan is het examen normaal gezien heel goed te doen.

  •  
  • TWIEOOS
  • Examen 2017-2018
  •  
  • Waarom is de de IE groter bij N dan bij N2? Leg uit aan de hand van de Molecuul Orbitaal theorie (tekening me orbitalen links en rechts de N, in het midden N2)
  •  
  • Geef de drie resonantiehybriden van NO3-, duidt de formele ladingen en de oxidatiegetallen aan en geef de hybridisatie van het centrale atoom, geef ook de hoeken ( <...,>...)
  •  
  • Je krijgt drie complexen: welke geeft de kleur blauw, welke de kleur geel, welke de kleur groen. Je krijgt er de golflengtes van de kleuren erbij (~aan de hand van ligandsterkte).
  •  
  • Bespreek de dipoolmomenten van drie moleculen
  •  
  • Welke reacties gaan door (drie reacties gegeven met hun enthalpieverandering en alledrie uit eenzelfde atoom, de golflengte van het licht waarmee de atoom bestraalt wordt ook gegeven): eerst u energie berekenen a.d.H.V E= (h.c)/gamma, dan nog maal het getal van avogadro omdat je per mol moet uitkomen. Zo kom je dan energie/mol uit, en kijk je welke enthalpieveranderingen daar onder liggen)
  •  
  • Bespreek tweede orde vergelijking en de snelheidsvergelijking
  •  
  • Stellingen: Waar of niet waar? + uitleg:
  •  
  • - een katalysator verlaagt deltaH.
  •  
  • - unimoleculaire molecules zijn steeds kleiner dan bimoleculair molecules.
  •  
  • - reactiesnelheid stijgt bij lagere druk (s = p d f).
  •  
  • Een reactie met deltaH° en deltaS° gegeven. Bereken deltaG°. Zet Kc om naar Kp. Is dit een spontane reactie?
  •  
  • Uitrekenen van een pH bij het titreren van een buffer
  •  
  • Kijk ook eens op: http://fkserv.ugent.be/chemica/examenvragen/1bach_chemie.pdf
  •  
  •  

Chemie 2

Leerkracht

Klaartje De Buysser

Klaartje De Buysser is een van de beter proffen, ze legt alles duidelijk uit en probeert iedereen met de leerstof mee te krijgen. Als je naar de les gaat (wat je bij dit vak beter wel doet) zorg er dan voor dat je goed meewerkt want ze stelt vaak vragen aan willekeurige studenten en van sommigen kent ze de naam. Check ’s morgens voor je naar de les vertrekt zeker nog eens Minerva of de les wel doorgaat, het is namelijk al enkele keren gebeurd dat studenten voor een gesloten deur stonden (kleine tip). Als ze tijdens de les zegt dat iets belangrijk is zet hier dan een groot rood kruis bij want dan kan dat deel wel eens terugkomen op het examen.

Cursus

Deze is vrij dik maar verkijk je hier niet op want hij leert vrij vlot en er staan ook heel veel ‘tekeningen’ en kaders bij. Er is ook de mogelijkheid om de slides van de lessen bij de cursus te kopen maar deze komen ook op Minerva en eigenlijk ben je beter dat je die zelf afprint dan kan je er meer op een bladzijde zetten en dit is beter voor het milieu, we zijn tenslotte geologen!

Werkcolleges

Hier ga je best elke keer naartoe! Er worden niet alleen veel oefeningen gemaakt maar ook de theorie wordt nog eens grondig herhaald. Probeer voor het werkcollege de oefeningen al eens te bekijken dat je weet over wat het gaat.

Practica

Deze bereid je beter goed voor want soms is de tijd erg krap. In het eerste semester is het vooral titreren dus zorg dat je dit onder de knie krijgt. Het tweede semester valt qua practica goed mee en zijn minder lang. Tip: eet genoeg de middag voor het practicum want het practicum duurt 4 uur! Vergeet ook zeker je curios ( soort toets over de theorie van het practicum) niet te maken want deze telt mee voor 5 punten!

Buis-o-meter

Om dit examen goed te kunnen maken is het noodzakelijk heel, heel, heel veel oefeningen te maken! Als die goed lukken dan is het examen normaal gezien heel goed te doen.

  •  
  • TWIEOOS
  • Examen 2016-2017
  •  
  • Vraag 1: Kinetiek
  •  
  • -> reactiesnelheidsvergelijking
  •  
  • -> reactiemechanisme
  •  
  • -> grafiek geven van de potentiele energie tov de ...gradient
  •  
  • Vraag 2: titratie van een mengsel 20ml van een mengsel Hcl en HOAc wordt getitreerd met 0,1 mol/l NaOH
  •  
  • -> bereken de beginconcentraties
  •  
  • -> titratiecurve tekenen en geef de ph bij begin, tussen 0 en sp1 , sp1, tussen sp1 en sp2 , sp2,...
  •  
  • Vraag 3: 3 deelvraagjes over oplosbaarheid/oplosbaarheidproduct
  •  
  • Vraag 4: concentratie bepalen van bepaalde ionen bij evenwicht
  •  
  • Vraag 5: galvanische cel. bijna alles is gegeven behalve uit welk metaal het 2de elektrode bestaat. 3 types van mogelijke metalen zijn gegeven.
  •  
  • -> uit welk metaal bestaat de tweede elektrode?
  •  
  • -> geef de reactievergelijking
  •  
  • -> tekening, alles aanduiden: anode, kathode, teken, richting electroden,...
  •  
  • Vraag 6: 10 meerkeuzevragen
  •  
  •  
  • Examen 2015-2016
  •  
  • De reactiesnelheid van een bepaald bestanddeel bepalen aan de hand van de verschillende deelstappen.
  •  
  • Titratiecurve maken
  •  
  • Partieeldrukken berekenen van 2 I --> I2(g) als men de totale druk bij evenwicht gekregen heeft en ook het begin aantal mol I, begintemperatuur en volume.
  •  
  •  
  • Examen 2013-2014
  •  
  • VRAAG 1: (6pt) Onderstaand mechanisme wordt voor gesteld voor de oxidatie van stikstofoxide tot stikstofdioxide.
    2 NO(g) <-> N2O2(g) ...snel evenwicht, k1(van NO naar N202), k-1 (omgekeerd)
    N2O2(g) + O2(g) -> 2 NO2(g) ...traag, k2
  •  
  • -> Schrijf de reactievergelijking voor de totale reactie.
  •  
  • -> Toon aan de het voorgestelde mechanisme overeenkomstig is met volgende reactiesnelheidsvergelijking v= k[NO]^2[O2].
  •  
  • -> Schrijf de reactiesnelheidsconstante in functie van de afzonderlijke reactiesnelheidsconstanten en geef de eenheid weer.
  •  
  • VRAAG 2: (4pt) 79.2 g droogijs (vast CO2) en 30.0 g grafiet (C(v)) worden in een lege 5L container geplaatst. Het mengsel wordt twee keer opgewarmd: de eerste maal tot 1000 K en in een tweede experiment tot 1100 K. In beide gevallen neemt volgende reactie plaats: CO2(g) + C(v) <-> 2 CO(g).
  •  
  • -> Bereken Kp bij 1000 K als de dichtheid van het gas 16.3 g/L is.
  •  
  • -> Bereken Kp bij 1100 K als de dichtheid van het gas 16.9 g/L is.
  •  
  • -> Is de reactie endotherm of exotherm? Licht toe.
  •  
  • VRAAG 3: (8pt) Er wordt een oplossing bereid die 0.05 mol/L is aan benzoëzuur.
  •  
  • -> Bereken bij evenwicht de concentraties van H3O+, OH-􀀀, C6H5COOH en C6H5COO.
  •  
  • -> Bereken de pH van deze oplossing.
  •  
  • -> Stel de titratiecurve op van mengsel met een totaalvolume van 20 mL dat 0.05 mol/L benzoëzuur en 0.05 mol/L HCl bevat. Er wordt getitreerd met 0.05 mol/L NaOH. Bereken de pH na toevoegen van 10, 20, 30, ... mL NaOH tot maximum 10 mL na laatste SP. Duid bij elke stap duidelijk de pH aan.
  •  
  • VRAAG 4: (3pt) Voor de reactie: 2 C2H2(g) + 5 O2(g) -> 4 CO2(g) + 2 H2O(g)
  •  
  • -> Bereken DH°, DS° en DG°.
  •  
  • -> Verklaar het teken van DH° en DS°
  •  
  • -> Neemt de spontaneïteit van deze reactie toe of af met de temperatuur?
  •  
  • VRAAG 5: (6pt) Een oplossing bevat 2 x 10􀀀^-4 mol/L aan Ag+ ionen en 1.5 x 10^-􀀀3 mol/L aan Pb^(2+) ionen. Er wordt NaI toegedruppeld.
  •  
  • -> Welk neerslag wordt eerst gevormd?
  •  
  • -> Bij welke concentratie aan I-􀀀 slaat het 2de kation neer?
  •  
  • -> Wat is de concentratie van het eerste op dat ogenblik?
  •  
  • VRAAG 6: (2pt)
  •  
  • -> Rangschik de volgende molecules volgens toenemende zuursterkte en leg uit: PH3, H2S, HCl
  •  
  • -> Identificeer in de volgende reactie de volgende componenten: Lewiszuur of base, ZB adduct.
    2 Cl- + BeCl2 -> BeCl4^(2-)
  •  
  • VRAAG 7: (5pt) Beschouw volgende galvanische cel (gevuld met metaalzouten met een concentratie 1.0 mol/L.)
  •  
  • -> Vul de figuur aan: anode, kathode, beweging ionen in oplossingen en de elektronenstroom.
  •  
  • -> Schrijf de reactievergelijking.
  •  
  • -> Bereken de EMK van bovenstaande cel.
  •  
  • -> Bereken de EMK nadat de beker waarin de anode is ondergedompeld verwisseld wordt met een 2.0 mol/L Zn(NO3)2 oplossing."
  •  
  • Nog enkele meerkeuze vragen H20 voornamelijk over temperatuur en entropie
  •  
  • Elektrochemie:
  •  
  • (1e zit) Gegeven: galvanische cel -> duid kathode/anode, +/- kant aan, hoe gaat de stroom binnen, de stroom buiten, bereken E° (2e zit: nu) 2 reacties gegeven: teken zelf de galvanische cel, duidt kathode aan, bereken het totaal reactie potentiaal
  •  
  • - Berekenen de totale druk van een reactie nadat die eerst in evenwicht wordt gebracht (via Kp)
  •  
  • - Oplosbaarheid: Je hebt 3 stoffen gegeven en AgNO3 die eraan toegedruppeld wordt. Welke neerslagen worden gevormd en in elke volgorde ? (NO3- is een nitraat en lost goed op -> geen neerslag) met Ag heb je met alle 3 de stoffen een neerslag bepaal de volgorde door Q > Ks en de gegeven concentraties
  •  
  • - Bepaal de reactie vergelijking en de orde van een gegeven reactie door SBS en zeg als de entropie van de reactie stijgt of daalt
  •  
  • - 3 gegeven stoffen, plaats ze volgens zuursterkte
  •  
  •  

Dierkunde

Leerkracht

Wim Bert

Wim Bert is de prof van dienst. De lessen zijn aan de hand van PowerPoint presentaties die na de les ook op Minerva komen. De prof haat het wanneer studenten aan het praten zijn en aangezien je een mondeling deel hebt voor het examen doe je dit dus beter niet.

Cursus

Je hebt de keuze om in het begin van het semester een vrij duur boek te kopen (in het Engels) waar de lessen op gebaseerd zijn. De slides komen wel op Minerva waar alles nog eens kort opstaat maar dit is eerder een samenvatting. Je neemt het boek dus beter eens goed door.

Werkcolleges

Hier ga je best elke keer naartoe! Er worden niet alleen veel oefeningen gemaakt maar ook de theorie wordt nog eens grondig herhaald. Probeer voor het werkcollege de oefeningen al eens te bekijken dat je weet over wat het gaat.

Practica

Het practicum is een van de eenvoudigste uit het eerste jaar. Je krijgt in het begin van het practicum een korte uitleg van de super toffe assistente. Daarna krijgt iedereen een dier/enkele dieren en die moet je dan in detail overteken en enkele delen aanduiden. Het is wel eerder een lang practicum aangezien dat je soms 5 tekeningen dient te maken

Opmerkingen

Je hebt dierkunde op de derde verdieping van het Ledeganck-gebouw. Dat is gemakkelijk gezegd, maar het is niet zo maar om het even welke trap (lift) je neemt om daar te geraken. De juiste weg: Je gaat binnen in de Ledeganck via de hoofdingang, je gaat rechtdoor, door de grote hal. Je laat auditorium 1 en 2 rechts liggen en gaat tot het einde van de hal. Recht voor je is er een deur, daar ga je door. Achter de deur zijn er enkele treden naar beneden (ook een betonnen helling). Je volgt de gang (en maakt dus een hoek naar links). Dan komt je weer aan een deur. Achter die deur bevindt zich een trap en twee liften. Je gaat dan naar de derde verdieping. Om naar het klasje te gaan moet je nog rechtdoor door twee deuren, die waarschijnlijk op slot zijn. Voor de eerste deur wacht je dus totdat Mertens ze komt losmaken.

Buis-o-meter

Slecht nieuws voor de mensen met veel inzicht, want dierkunde is een blokvak! Het examen bestaat uit 3 delen. Deel 1 is het mondelinge examen van het practicum. Je moet enkele organismen determineren en delen van organismen aanduiden. Dit alles gebeurt in de inhaalweek. Het is niet zo akelig als het lijkt want de assistente begeleidt je goed. Deel 2. Je krijgt een blad met foto’s die je moet benoemen, dieren die je fylogenetisch moet ordenen, woorden die je moet uitleggen en een 2-tal vragen die je dan zo uitgebreid mogelijk moet beantwoorden op je blad. Ben je met dit klaar dan ga je over naar deel 3, het mondelinge deel. Hierbij moet je met je geschreven blad naar de prof gaan die dan je antwoorden leest en indien nodig hierover wat extra uitleg vraagt.

  •  
  • TWIEOOS
  • Examen 2015-2016
  •  
  • Benoem de organismen op de foto's (/5) en zet deze in een fylogenetische boom (/3)
  •  
  • Beschrijf de levenscyclus van de bloedbot(/4)
  •  
  • Geef de 5 grote stappen binnen de vertebraten en orden deze in een fylogenetische boom (/5)
  •  
  • Geef een fylogenetisch overzicht van de subphyla binnen de artropoden
  •  
  • Wat is een vis? Waarom is dat geen taxonomische groep?(/3) *6.Hoe is de manier van indelen van organismen verandert doorheen de geschiedenis? (/5)
  •  
  • Kan je nematoden gebruiken in de landbouw?(/2)
  •  
  • Zijn deze groepen monofyletisch, parafyletisch of polyfyletisch?(/3)
  •  
  • Leg Uit:Rhopalium, homologie, Lamarckisme, Taenia, Pedicellaria (/5)
  •  
  •  

Bachelor - Jaar 2

Fysica 1

Leerkracht

Professor Ryckbosch

Professor Ryckbosch is echt de meest energieke prof die je dit jaar gaat hebben. Hij springt van zijn bureau om de zwaartekracht aan te tonen, hij laat boeken door de lucht vliegen en brengt steeds veel instrumenten mee. Hij praat heel erg snel en dat is iets waar je in het begin wel moeilijkheden mee gaat hebben maar het went. Zijn lessen zijn zeer boeiend en als je na de les vragen hebt kan je ook steeds bij hem terecht. Verstop echter nooit zijn aanduidstok want dan is hij verloren! Hij is een erg sympathieke man maar erger hem niet door te praten of met je gsm bezig te zijn of de deur zal u gezien hebben.

Werkcolleges

Zeer nuttig! Het wordt ook door de prof zelf gegeven zodat je weet waar hij de nadruk op legt. Hier maak je niet zoveel oefeningen maar hij geeft je de tijd om zelf uit te zoeken hoe te beginnen aan een op het eerste zicht onmogelijke oefeningen. Indien er problemen zijn komt hij die individueel oplossen

Practica

Hier moet je opnieuw het practicum zeer goed voorbereiden want de tijd is schaars en veel uitleg wordt er niet gegeven door de assistenten. Er zijn 6 practica in het 1e semester, wat vrij veel is. Tip: schrijf je verslag niet in het klad maar enkel je metingen, zo win je tijd. Het verslag moet je na 4 uur afgeven en wordt gequoteerd door de assistenten. De practica staan op 3 punten van het examen.

Buis-o-meter

Het vak is niet gemakkelijk.

  •  
  • TWIEOOS
  • Examen 2015-2016
  •  
  • Benoem de organismen op de foto's (/5) en zet deze in een fylogenetische boom (/3)
  •  
  • Beschrijf de levenscyclus van de bloedbot(/4)
  •  
  • Geef de 5 grote stappen binnen de vertebraten en orden deze in een fylogenetische boom (/5)
  •  
  • Geef een fylogenetisch overzicht van de subphyla binnen de artropoden
  •  
  • Wat is een vis? Waarom is dat geen taxonomische groep?(/3) *6.Hoe is de manier van indelen van organismen verandert doorheen de geschiedenis? (/5)
  •  
  • Kan je nematoden gebruiken in de landbouw?(/2)
  •  
  • Zijn deze groepen monofyletisch, parafyletisch of polyfyletisch?(/3)
  •  
  • Leg Uit:Rhopalium, homologie, Lamarckisme, Taenia, Pedicellaria (/5)
  •  
  •  

Fysica 2

Leerkracht

Professor Ryckbosch

Professor Ryckbosch is echt de meest energieke prof die je dit jaar gaat hebben. Hij springt van zijn bureau om de zwaartekracht aan te tonen, hij laat boeken door de lucht vliegen en brengt steeds veel instrumenten mee. Hij praat heel erg snel en dat is iets waar je in het begin wel moeilijkheden mee gaat hebben maar het went. Zijn lessen zijn zeer boeiend en als je na de les vragen hebt kan je ook steeds bij hem terecht. Verstop echter nooit zijn aanduidstok want dan is hij verloren! Hij is een erg sympathieke man maar erger hem niet door te praten of met je gsm bezig te zijn of de deur zal u gezien hebben.

Werkcolleges

Zeer nuttig! Het wordt ook door de prof zelf gegeven zodat je weet waar hij de nadruk op legt. Hier maak je niet zoveel oefeningen maar hij geeft je de tijd om zelf uit te zoeken hoe te beginnen aan een op het eerste zicht onmogelijke oefeningen. Indien er problemen zijn komt hij die individueel oplossen

Practica

Hier moet je opnieuw het practicum zeer goed voorbereiden want de tijd is schaars en veel uitleg wordt er niet gegeven door de assistenten. Er zijn 6 practica in het 1e semester, wat vrij veel is. Tip: schrijf je verslag niet in het klad maar enkel je metingen, zo win je tijd. Het verslag moet je na 4 uur afgeven en wordt gequoteerd door de assistenten. De practica staan op 3 punten van het examen.

Buis-o-meter

Het vak is niet gemakkelijk.

  •  
  • TWIEOOS
  • Examen 2017-2018
  •  
  • Een man laat op Mars een bol van een helling rollen. De helling bevindt zich 5m boven de grond wanneer de bol de helling verlaat. Bereken op welke afstand van de helling de bol zal vallen. Gegeven zijn: hoek van de helling, straal van de bol, massa van de bol, straal van Mars, massa van Mars en lengte van de helling.
  •  
  • 20 skiërs worden door een lift omhooggetrokken op een helling van 32 graden met een constante versnelling van 3,0m/s. De wrijvingscoëfficient tussen de ski's en de sneeuw is 0,12. Een gemiddelde skiër weegt 60kg. Bereken a) het vermogen van de lift. b) het krachtmoment dat moet uitgeoefend worden op het rad van de lift als dat een straal van 2,0m heeft.
  •  
  •  
  • Examen 2016-2017
  •  
  • Een man laat op Mars een bol van een helling rollen. De helling bevindt zich 5m boven de grond wanneer de bol de helling verlaat. Bereken op welke afstand van de helling de bol zal vallen. Gegeven zijn: hoek van de helling, straal van de bol, massa van de bol, straal van Mars, massa van Mars en lengte van de helling.
  •  
  • 20 skiërs worden door een lift omhooggetrokken op een helling van 32 graden met een constante versnelling van 3,0m/s. De wrijvingscoëfficient tussen de ski's en de sneeuw is 0,12. Een gemiddelde skiër weegt 60kg. Bereken a) het vermogen van de lift. b) het krachtmoment dat moet uitgeoefend worden op het rad van de lift als dat een straal van 2,0m heeft.
  •  
  •